Wat staat er op stapel en waar hou je als werkgever in de sport best rekening mee?

De timing van de nieuwe algemene flexi-job regeling voor alle sectoren is nog niet definitief. De brede hervorming, waarbij sectoren wel nog steeds kunnen beslissen om niet in te stappen, wordt niet vóór 1 april 2026 verwacht. Tot dan blijft het bestaande kader van toepassing en zijn flexi-jobs in de sport enkel mogelijk in de gevallen die reeds door de wetgever werden toegelaten (redders, lokale besturen…)
Wat is wel al gewijzigd?
Het toegelaten jaarinkomen voor flexi-jobbers werd verhoogd van 12.000 naar 18.000 euro. Deze aanpassing is inmiddels wettelijk vastgelegd en geldt met terugwerkende kracht, ook voor 2025. Het maximaal bedrag van 18.000 € wordt vanaf nu ook jaarlijks geïndexeerd.
Ook het flexiloon zelf wordt duidelijker afgebakend. Het loon mag voortaan maximaal 150% van het basisloon bedragen. Daarbij wordt nu verduidelijkt dat extra sectorale of bedrijfsvoordelen – zoals premies of toeslagen – niet meetellen voor die 150%-grens.
Daarnaast voorziet de regering betere monitoring en controle van het gebruik van flexi-jobs. Een jaarlijkse rapportage per sector moet het gebruik van flexi-job beter in kaart brengen.
Bovendien kunnen werknemers nu ook flexi-jobben bij een verbonden onderneming van hun hoofdwerkgever, dit kon tot op heden niet.
Tot slot zijn er ook belangrijke wijzigingen voor uitzendkantoren. Zij zullen een werknemer kunnen tewerkstellen als flexi-jobber en uitzendkracht, op voorwaarde dat dit niet bij dezelfde eindgebruiker gebeurt.
Sportwerk volgt deze evoluties van nabij en helpt sportorganisaties om de juiste keuzes te maken binnen dit veranderende landschap.
