
Voor wie net van school of opleiding komt, zijn de opgebouwde vakantiedagen vaak nog beperkt. Dankzij de regeling rond jeugdvakantie kunnen jonge werknemers tóch 4 weken verlof opnemen.
Wie heeft recht op jeugdvakantie?
Jeugdvakantie is bedoeld voor jongeren die in het jaar voor je het verlof opneemt:
- op 31 december nog geen 25 jaar zijn;
- hun studies, leertijd of opleiding in dat jaar hebben afgerond;
- minstens 1 maand gewerkt hebben als loontrekkende na de afronding van hun opleiding.
Voldoe je aan deze voorwaarden, dan kan je bovenop je opgebouwde vakantiedagen tot vier weken vakantie krijgen.
Belangrijk: je kan géén jeugdvakantie opnemen in hetzelfde jaar waarin je afstudeert. Je kan er pas gebruik van maken in het daaropvolgende jaar.
Weet ook dat jeugdvakantie een recht is. Je werkgever kan dit niet verbieden. Je bent wel niet verplicht om al je dagen op te nemen.
Hoe werkt jeugdvakantie in de praktijk?
Na het opnemen van je gewone (opgebouwde) vakantiedagen kan je als jonge werknemer jeugdvakantiedagen opnemen.
Jeugdvakantie wordt vergoed via de werkloosheidsverzekering, zodat je financieel ondersteund blijft. Voor deze dagen ontvang je doorgaans een uitkering gelijk aan 65% van hun brutoloon en dus geen loon.
Hoe aanvragen?
Na de eerste maand waarin je jeugdvakantie opnam, bezorg je het ingevulde aanvraagformulier C103-jeugdvakantie werknemer aan je uitbetalingsinstelling (vakbond of Hulpkas). Neem je daarna nog jeugdvakantie op, dan hoef je geen nieuwe aanvraag meer te doen.
Een voorbeeld
Stel: je hebt recht op 1 week betaalde vakantie omdat je het voorgaande jaar al werkte gedurende 3 maanden (oktober tot december). Daarnaast kan je nog extra 3 weken jeugdvakantie opnemen.
