Studentenarbeid

Studentenarbeid

De zomerperiode is traditioneel de periode waarin (nog meer) studenten aan de slag gaan. Sportkampen, evenementen, stages, trainingskampen…allemaal worden ze begeleid door enthousiaste jongeren die tijdens de andere maanden van het jaar als hoofdbezigheid het studeren hebben.Maar waaraan moet een vereniging of sportclub die een jobstudent wil tewerkstellen nu allemaal denken?
-     Denk eraan dat een student het goedkoopst is tijdens de eerste 475 uren tewerkstelling van dat jaar. Er is namelijk een maximaal aantal van 475 uur waarvoor je als werkgever voor de student enkel maar een solidariteitsbijdrage van 5,42% zal moeten betalen. Daarna kan de student verder tewerkgesteld worden maar zullen de gewone patronale bijdragen gerekend worden.
-     Het is echter wel zo dat de student niet verplicht is eerst zijn 475 uren uit te putten alvorens als werkstudent aan de slag te gaan. De student is vrij te kiezen voor welke tewerkstelling hij het contingent van 475 uren wil gebruiken. Maak daarom goede afspraken met de student en vraag eventueel om het attest met het saldo, dat hij kan opvragen via student@work, te bezorgen.
-     Voor elke student die je tewerkstelt dien je verplicht een studentenovereenkomst op te maken, ook als die student zijn 475 uur reeds overschreden heeft. Dit vloeit voort uit het feit dat de student een beschermde werknemer is en er bepaalde vermeldingen verplicht zijn. De student moet over een getekende schriftelijke overeenkomst en over een kopie van het arbeidsreglement beschikken uiterlijk op het moment dat zijn opdracht aanvangt.
-     Ook een student heeft recht op betaalde feestdagen als die binnen de arbeidsovereenkomst vallen, of op nabetaling daarvan, en voor het gewaarborgd loon bij ziekte gelden dezelfde regels als die voor arbeidsovereenkomsten van bepaalde duur.
-     Een studentencontract heeft automatisch een proeftijd van drie dagen. Tijdens deze eerste drie dagen kan zowel de werkgever als de student de overeenkomst eenzijdig verbreken[1]. Ook na de proeftijd kan de overeenkomst verbroken worden, in dat geval wel met een (verkorte) opzegtermijn.
-     De studentenovereenkomst is er altijd eentje van bepaalde duur. De loonvoorwaarden en arbeidsomstandigheden moeten steeds dezelfde zijn als voor iedere andere werknemer in het bedrijf die een soortgelijke functie uitoefent. De voorwaarden voor deeltijdse overeenkomsten gelden allemaal, met uitzondering van de 1/3e regel[2] die voor studenten niet van toepassing is.
-     Voor studenten jonger dan 18 jaar gelden uitgebreidere regels op het vlak van arbeid- en rusttijden en moet voorafgaand verplicht een risicoanalyse gebeuren.
Het is tenslotte nog  nuttig om te weten dat ook een student onder toepassing van artikel 17, de 25-dagen regel voor occasioneel werk in de socio-culturele sector kan werken.

[1] Zonder opzegperiode of vergoeding
2] Deeltijdse tewerkstelling moet steeds minstens 1/3e van het uurrooster van een normale voltijdse werknemer in hetzelfde bedrijf uitmaken. 

Sinds 1 januari 2017 kan een student 475 uren werken onder het systeem met verminderde bijdragen. 

Sinds dit jaar is het mogelijk voor een student om tot 475 uren* te werken als jobstudent. Vanaf het 476ste uur zal de student de bijdragen beginnen betalen. Bovendien wordt nu per uur doorgegeven hoeveel de student werkt. Voorheen werd elk begonnen dagdeel als een volledige dag beschouwd. De student zal dus in praktisch alle gevallen meer uren kunnen werken onder het voordelige statuut van jobstudent.

*niet al onze documenten zijn up-to-date wat dat betreft, voor meer info kan je steeds op de personeelsdienst of bij het kenniscentrum terecht.



Sinds 1 juli 2016 kan een student kiezen onder welk statuut hij of zij tewerkgesteld wordt.


 Voorheen was de werkgever bij aanwerving van een student steeds verplicht om eerst de 50 dagen met verminderde RSZ-vrijstelling volledig op te gebruiken vooraleer over te stappen op tewerkstelling als student met volledige bijdragen. Vanaf nu kan de student dus vragen om toch de gewone zekerheidsbijdragen te betalen ondanks het feit dat de 50 dagen nog niet uitgeput zijn. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer de student nog een andere tewerkstelling gepland heeft of als hij die dagen bijvoorbeeld wil opsparen voor tewerkstelling in de zomer.
Let op! vanaf 1 januari 2017 gelden, zoals hieronder al aangekondigd, de nieuwe voorwaarden voor studentenarbeid en zal de tewerkstelling in uren gemeten worden!




Nieuwe voorwaarden voor jobstudenten

Tot eind 2016 kan een student 50 dagen als jobstudent met verminderde bijdragen werken.

Een jobstudent mag jaarlijks 50 dagen werken met een voordelig percentage sociale lasten. De student betaalt tijdens die 50 dagen een verminderde RSZ-bijdrage van 2.71%, de werkgever betaalt in die periode slechts een bijdrage van 5.42% aan de RSZ.

Deze regeling is niet erg flexibel, na 50 dagen betalen de student en de werkgever de volle pot.

Elk begonnen dagdeel geldt in deze regeling als een volledige dag. Na 50 dagen kan de student blijven werken maar zonder de voordelige regeling voor de sociale lasten. Zowel voor de student als de werkgever wordt de studentenarbeid op dat moment minder aantrekkelijk.

Een student zal bovendien minder geneigd zijn om een opdracht van pakweg drie uurtjes zwemles te aanvaarden omdat hij op die manier een volledige dag kwijt is.

Er is verandering op komst!

De ministerraad heeft in juli een wet goedgekeurd waardoor studentenarbeid niet meer in dagen, maar in uren geteld wordt.

Vanaf 1 januari 2017 wordt studentenarbeid een stuk flexibeler en zal de student maximum 475 uren mogen werken aan voordeliger voorwaarden. Hierdoor zullen sportlesgevers en –begeleiders gemakkelijker kunnen worden ingezet op een opdracht van enkele uren. Alleen de uren waarop de student effectief gewerkt heeft worden van het totaal afgetrokken.

 

De student zal, zoals dat nu ook het geval is, het saldo van zijn uren kunnen nazien op student@work.